De internationale regels (2)

Over het voorwoord - Achtergrondartikel van Harmjan Lammers (De Problemist, augustus 2026)


In het aprilnummer van De Problemist introduceerde ik de Nederlandse vertaling van de Internationale Regels (IR). Daarin betoogde ik dat kennis van deze regels niet alleen van belang is voor deelname aan wedstrijden, maar vooral ook nieuwe mogelijkheden laat zien voor het componeren van damproblemen. Juist dat bredere inzicht maakt componeren aantrekkelijker, ook voor wie nooit aan wedstrijden deelneemt.

In een reeks artikelen wil ik de verschillende onderdelen van de Internationale Regels bespreken. Per artikel geef ik een korte toelichting, aangevuld met voorbeelden en soms een kleine opdracht voor oplossers of componisten.

Op dit moment werkt Wouter Morssink aan de publicatie van de Nederlandse vertaling op de website van de Kring voor Damproblematiek. Tot die tijd is een bezoek aan deze website zeker de moeite waard. Er is een schat aan inspirerende composities te vinden.

De opbouw van de Internationale Regels
Wanneer over de Internationale Regels wordt gesproken, doelt men meestal op twee documenten: deel 1, met de algemene regels voor probleemcomposities, en deel 2, met de regels voor internationale competities. Deel 1 vormt de basis en bestaat uit achttien artikelen. In deze artikelenreeks zal ik mij in eerste instantie op dit eerste deel richten.

Toch is deze tweedeling eigenlijk wat te eenvoudig. Wie het voorwoord van de IR leest, ziet namelijk dat de Internationale Regels uit meer onderdelen bestaan. partijspel.

Het voorwoord van de Internationale Regels
Het voorwoord van de IR begint met de volgende omschrijving: Problemisme, gedefinieerd als het samenstellen van damproblemen, is een creatieve activiteit die zowel binnen als buiten het reguliere damspel wordt beoefend. Het omvat het zoeken naar nieuwe ideeën, analyses en retrograde analyses. Het resultaat van deze activiteit is een specifieke dambordpositie, die al dan niet in een echt spel is voorgekomen, met een specifiek doel. Zowel de uitgangspositie als de posities die tijdens de oplossing worden doorlopen, moeten voldoen aan vastgestelde regels.

Gedurende de geschiedenis van het problemisme zijn verschillende soorten problemen ontstaan. Op dit moment zijn de twee belangrijkste types de Combinatieproblemen (C-Problemen) en Eindspelproblemen (E-Problemen).

De Internationale Regels zijn gedefinieerd voor deze twee typen, met het oog op het creëren van een standaard voor competities, georganiseerd of erkend door de CPI van de FMJD. Regels voor andere soorten problemen zullen in de toekomst worden opgesteld wanneer dat nodig blijkt.

De huidige regels zijn van toepassing op internationale dambordproblemen (100-velden).


C en E-problemen
Het voorwoord maakt duidelijk dat er meer is dan enkel C-problemen. De problemen uit de probleemrubriek van De Problemist zijn goede voorbeelden van deze C-problemen. Maar daarnaast bestaan er afzonderlijke regels voor de E-problemen. Deze zouden we als het derde deel van de Internationale Regels kunnen beschouwen. Ze zijn aanzienlijk beknopter dan de regels voor C-problemen. Van deze regels heb ik een Nederlandse vertaling gevonden die is gemaakt door Gerard Tiemens. Opvallend is dat hierin ook aandacht wordt besteed aan de esthetische kwaliteiten van een eindspelcompositie. Dit gedeelte heeft meer het karakter van een richtlijn dan van een harde regel. Esthetiek blijft immers subjectief, en juist dat maakt het beoordelen van composities zo lastig.

Een belangrijk kenmerk van een E-probleem is dat het ten minste twee thematische varianten (TV's) bevat. Een thematische variant is een variant met één oplossing die eindigt in een economische eindstand. Diagram 1 toont een E-probleem van A. Fedoruk. Met onder meer deze inzending werd hij wereldkampioen E-problemen in 2005-2006. De oplossing bevat meerdere thematische varianten.

1.
10 (27) 3 (12 A) 17 (29 B C) 28, 5 (31 D) 26 (33) 21 (39) 49+
A (29) 34 (38) 5 (42) 37, 23+
B (31) 26 (36) 5 (28 E) 37, 46+
C (37) 22, 4+
D (34) 16/21 (40) 11 (45) 50+
E (38) 43/49 (41) 37+

Diagram 1
A.Fedoruk

Z-problemen
Naast de E-problemen bestaan ook de zogenoemde Z-problemen (Zadatsj). Deze kunnen worden beschouwd als een vierde onderdeel van de Internationale Regels. De bijbehorende reglementen zijn aanzienlijk complexer dan die voor C- en E-problemen.

Het belangrijkste uitgangspunt is dat een Z-probleem ten minste twee thematische varianten bevat die eindigen in verschillende economische slotstellingen. Daarbij gaat het niet om winst volgens partijspel, maar om het opsluiten van een of meer zwarte schijven. Hierbij lijkt het voor een partijspelen soms meer op weggevertje. Dat is erg ongewoon als je niet thuis bent in deze materie.

Diagram 2 toont een Z-probleem van E. Buchel uit 1990. De opdracht luidt: Sluit één zwarte schijf op. De oplossing bevat twee verschillende scherpe varianten.

2.
24(29, A) 18, 43, 38, 42, 37.
A(30) 28, 28, 4641, 37, 36, 41, 37.

Diagram 2
E. Buchell

Samengevat
De Internationale Regels voor het internationale 100-veldenbord bestaan eigenlijk dus uit vier onderdelen: Daarnaast zijn er ook nog andere bordformaten, zoals 64-velden en 144-velden (Canadees). In hoeverre daar reglementen voor zijn is mij onbekend.

Tot besluit volgen enkele composities om zelf mee aan de slag te gaan. Diagram 3 toont een van de problemen van A. Moiseyev, waarmee hij in 2015-2016 wereldkampioen C-problemen werd. Kun je beide scherpe varianten vinden?

Diagram 4 bevat een E-probleem van Johan Sebastiaannet, waarmee hij in 2005-2006 de categorie B van het wereldkampioenschap E-problemen won. Hoeveel scherpe varianten kun je ontdekken?

Diagram 5 laat een Z-probleem zien van S. Yushkevich uit 2000. De opdracht luidt: Sluit één of twee zwarte schijven op.

Diagram 3
A.Moiseyev

Diagram 4
J. Sebastiaannet

Diagram 5
S. Yushkevich

3.
23, 25, 5(37A), 2, 24, 39
A(36), 2, 27(41), 33, 43, 16, 46
4.
4 (36 A) 12, 15 (29 B) 32 (34 C) 42 (39 C1 D) 16 (43 E) 49 (41) 37, 3+
A (21) 16 (36 F G) 43 (41) 32 (46) 5 (30 H) 9 (41) 46 (34) 4 (40 J) 28, 45+
B (39) 2 (41) 19+
C (13) 20 (34) 42 (41 D1) 46 (39) 33+
C1 (41) 46 (39) 33, 2+ of 29 (43) 38+
D (40) 33 (45) 50 (12) 19/5 (17) 6 (50) 19/5-28, 28+
D1 (40) 33 (45) 50 (18) 19/5 (22) 6 (50) 19/5-28, 28+
E1 (41) 37, 2+
E2 (44) 31, 2+
F1 (39) 27+
F2 (30) 27, 25 of 11 (38) 16 (42) 27, 25+
G (37) 15 (39) 31 (44) 22+
H (38) 9 (41) 46 (42) 4(29) 41/32/19/5 (33) 28, 48+
J (38) 28 (40 K L) 15 (43) 39, 33 (45) 50 (39) 33/6+
K (42) 41 of 19 (40) 47 of 24 (48) 42, 45+
L (39) 44/50 (42) 28 (48) 37+
5.
11(26, A) 21, 22, 4137, 32, 34, 31, 41.
A(8) 4137, 27, 36, 38, 34, 41.